Mensen deugen, dus maken ze samen de stad

Ik heb met veel plezier het boek ‘de meeste mensen deugen’ van Rutger Bregman gelezen vooral omdat het een mooi kader biedt voor hoe ik zelf als activistische stadsbewoner en adviseur kijk en handel. Hij zet het sombere mensbeeld over beschaving als dun vernislaagje waaronder de destructieve krachten van de mens schuilen af tegen het optimistisch beeld van de mensen als sociaal en altruïstisch wezen die juist door machten en systemen daarvan wordt afgehouden. Hij probeert dat laatste beeld met ladingen aan onderzoeksgegevens te onderbouwen en dat overtuigt.
Naar het eind van zijn boek komt hij dicht bij mijn werk en leven wanneer hij inzoomt op fenomenen als zelfsturing, commons, burgerforums en burgerbegroting.
Dat daagde me uit om eens door mijn oude blogs te bladeren en te onderzoeken hoe ik zelf dit optimisme over wat mensen samen voor elkaar kunnen boksen heb beschreven. Toegepast op de stad en burgerschap en in mijn eigen taal van aangeleerde hulpeloosheid, koekoeksklokparticipatie, sociale veerkracht, collectieve intelligentie, vrienden maken, besmettelijk optimisme en sturen met lichtheid. Leuk om de rijke oogst weer eens voor me te zien en het helpt me vast bij mijn ambitie om al dat werk in een boek om te zetten. En hopelijk vinden jullie ook nog wat moois in de ‘omgevallen blogkast’. Daar gaat ie.

Een Europees burgerforum als eyeopener
Het enthousiasme van Bregman voor burgerfora deel ik. Bij mij kwam de radicalisering op het thema ‘samen kunnen we alles aan’ toen ik 12 jaar terug een Europees burgerforum over de toekomst van het landelijk gebied mocht begeleiden. Daar heb ik van dichtbij gezien wat ‘leken’ samen aankunnen. Dit schreef ik er over, met als conclusie dat dit ook een fantastisch instrument is om iets van Europees burgerschap te realiseren. 

Een grafrede op participatie
ik ben sindsdien begrippen als collectieve intelligentie, collectieve wijsheid en sociaal kapitaal wat consequenter gaan gebruiken en heb dat afgezet tegen de armoedige manier waarop de overheid doorgaand burgerparticipatie organiseert. In deze grafrede op participatie die ik vorig jaar uitsprak werk ik dat contrast uit. 

Koekoeksklokparticipatie
Voor de manier waarop de overheid te defensief en vrijblijvend met de eigen burger omgaat heb ik 7 jaar terug het begrip koekoeksklokparticipatie gemunt: de overheid als bang vogeltje dat altijd in het donker beleid en plannen zit uit te broeden en eindeloos zit te onderzoek en af te stemmen en dan pas heel laat en te kort naar de samenleving komt. Hier werk ik uit hoe dat ook anders kan en moet.

Iedereen is een strateeg
Een belangrijk manier om de collectieve wijsheid van bewoners tot zijn recht te laten komen is de strategiefunctie binnen de overheid anders te benaderen. Wat gebeurt er als je de samenleving ziet als belangrijkste strategisch reservoir van de overheid en andersom de experts van de overheid ten dienste stelt aan de burgers? Daar schreef ik dit verhaal over

Sociale veerkracht als basis voor de klimaataanpak

Bregman stelt terecht dat bij rampen goed zichtbaar wordt hoe mensen echt voor elkaar  klaarstaan. Ik maakte daarover dit verhaal: hoe sociale veerkracht eigenlijk de basis is onder een goede klimaataanpak. https://deruimtemaker.nl/2017/10/14/vrienden-maken/

De kracht van sociale besmetting

Bregman staat ook uitgebreid stil bij het mechanisme van wat ik sociale besmetting noem: het goede doen is besmettelijk en verspreid zich snel. Hier schrijf ik er over aan de hand van een ervaring in de gemeente Lelystad

En een van mijn eerste blogs uit 2011 ging al over dit fenomeen: de kracht van besmettelijke verhalen 

Liever een sociaal contract dan empathie
Bregman ziet dat mensen elkaar steunen en kunnen samenwerken omdat we empathische wezens zijn. De keerzijde is dat we ons zo makkelijk met naasten vereenzelvigen dat we niet open blijven staan voor anderen waarmee we ons niet makkelijk verbinden. Hij bepleit een houding van compassie als alternatief die ons in staat stelt nuchter afstand te houden. Op basis van mijn ervaringen bij een van de stadmakerscongressen in Rotterdam schreef ik een verhaal over het buzzwoord empathie en hoe je dit maar beter om kunt zetten in een contract met de stad

Verwachtingsmanagement  als teken van angst
Bregman stelt dat we de kracht van de collectiviteit niet zien omdat we een verkeerd mensbeeld koesteren: mensen zijn een gevaar voor elkaar en moeten daarom in toom moeten worden gehouden. In de communicatiestrategie van de overheid is daar het angstige concept van verwachtingsmanagement voor bedacht. Hier beschrijf ik mijn jeuk voor dat begrip  en bepleit ik als alternatief een onbevangen en volwassen relatie

De 9 argumenten waarmee bewoners kort worden gehouden
Bregman beschrijft ook dat machthebbers dat valse mensbeeld koesteren omdat het legitimeert dat ze zelf nodig zijn. In de stedelijke ontwikkeling duiken altijd dezelfde 9 argumenten op die deze functie van ‘niet naïef zijn over de kracht van burgers’ vervullen. Ik schreef er naar aanleiding van mijn adviezen aan 2 Amsterdamse wethouders een verhaal over waarin ik die 9 argumenten aan 3 onderliggende problemen link die deze manier van denken en werken in stand houden. De mix van technocratie, marktdenken en beperkte democratie zorgt er voor dat we de collectieve wijsheid en het sociale kapitaal niet aanboren. https://deruimtemaker.nl/2019/08/23/democratische-vernieuwing-in-het-ruimtelijk-domein-voorbij-het-vrijblijvende-experiment/ 

De vlucht vooruit in veranderen en vernieuwen
In zijn boek geef Bregman aan de hand van het inspirerende voorbeeld van de platte organisatie Buurtzorg een veeg uit de pan naar de vernieuwingsdrift van managers en de adviesbranche. Die houden afhankelijkheid in stand die legitimeert dat wij hun aansturing en expertise nodig hebben. Ik noem dat in dit verhaal een cultuur van aangeleerde hopeloosheid.

En hier beschrijf ik hoe de overheid gevangen raakt in een permanent vlucht vooruit in veranderen en vernieuwen die desastreus uitpakt op de verbinding met de samenleving:

Systemen vloeibaar maken
Als alternatief voor het blijven sleutelen aan systemen heb ik het meestal over het vloeibaar maken ervan: zonder structuurverandering vastzittende structuren losweken en mee laten bewegen. Hier werk ik dat uit:

Omdraaien van de ontwikkelketen: we bouwen onze eigen stad
In termen van stedelijke ontwikkeling is het verhaal van Bregman een pleidooi om de ontwikkelketen om te draaien: begin bij de kracht van de bewoners en maak de overheid en de markt daaraan dienstbaar. In dit verhaal werk ik uit dat dit alleen lukt wanneer je het heel simpel aanpakt, nieuwe spelregels maakt en veel meer een organische blik op de stad ontwikkelt. https://deruimtemaker.nl/2018/03/29/zet-eens-een-schaftkeet-neer-in-plaats-van-een-plan-te-maken/ 

Collectieve zelfbouw als motor voor geluk
Het goede wat we met en voor elkaar doen is in de ogen van Bregman ook een bron van menselijk geluk en vrede. Ik heb me ook de vraag gesteld of we met ons allen gelukkiger worden van een beweging waarin (collectieven van) mensen zelf hun huizen kunnen bouwen en daarmee gelijk aan gemeenschapsvorming bijdragen (‘gemeenschappen bouwen’ in een dubbele betekenis). Ja dus, hier zet ik die beweging af tegen de valse belofte van projectontwikkelaars dat ze voor ons een gelukkig leven kunnen ontwerpen. https://deruimtemaker.nl/2018/07/13/worden-we-met-zn-allen-gelukkiger-van-lokaal-initiatief/#more-958 

De strijd om herovering van de stad en de publieke zaak
Bregmans pleidooi om samen te doen waar we in geloven en daarin radicaal te zijn is feitelijk ook een pleidooi voor maatschappelijke eigenwijsheid en strijd. Hij heeft het ook over het koeteren van de mensen die ongemak veroorzaken. In dit blog hang ik dat op aan de metafoor van de octopus, gemunt dor de Antwerpse activist Manu Claes en aan het werk van Herman Tjeenk Willink.  

En in dit verhaal koppel ik dat activisme aan de kracht van het toe-eigenen van de publieke ruimte door bewoners: https://deruimtemaker.nl/2018/06/01/een-fijne-stad-maken-vergt-strijd-en-gemeenschapsvorming/#more-954

Okee, genoeg nu even. ik hoop dat degenen die de moeite hebben genomen wat van de links aan te klikken en die verhalen te lezen inzien dat het boek van Rutger Bregman niet alleen een optimistisch pleidooi is voor het goede in de mensen. Het is in zijn consequentie een radicaal pleidooi voor zeggenschap van burgers over hun eigen leven, hun omgeving en hun bestuur en voor het veel offensiever organiseren van samen stad en land maken. En ik hoop dat ik voelden heb laten zien dat het gewoon kan dus, met optimisme, lichtheid en op zijn tijd flink schudden aan een systeemwereld die zichzelf graag in stand houdt.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*