24 maart 2014

Door Frans Soeterbroek

Reacties

0 reacties

Tags
, , , ,

Zeg het voort

Over wijkweters, wegbereiders, navigatoren en stadsmakelaars

Afgelopen zaterdag was de burgertop G1000 in Amersfoort en bovenaan de top 10 van wensen van de deelnemers staat ‘de wijkweter’, iemand die de wijk en de gemeentelijke bureaucratie kan verbinden. Eerder deze maand verscheen een onderzoeksrapport van TNO voor de gemeente Almere waarin de rollen van navigator en wegbereider werden geïdentificeerd als schakel tussen de systeemwereld van de gemeente en de vloeibare wereld van lokale initiatieven. En  in mijn stad Utrecht werd een aantal weken geleden de stadsmakelaar geïntroduceerd als ingang voor initiatiefnemers bij de gemeente en wegbereider in de bureaucratie. Ondertussen heeft iedere gemeente wel een scala aan dit type schakelfuncties.
Het verlangen om schakels te maken tussen overheid en samenleving is groot want iedereen kent de voorbeelden van hoe de verkokerde bureaucratie niet kan meebewegen met lokale initiatieven. Maar juist omdat dit verhaal met alle prikkelende voorbeelden zo dominant is  wordt er niet meer kritisch bekeken of dit wel een oplossing is voor de problemen. Wat je feitelijk doet is een extra schakel maken in plaats van de lijnen verkorten en weer wat nieuws bedenken in plaats van te gebruiken wat er is. Zo zwemmen we in de coördinatiefuik en dat kan heel ongelukkig uitpakken. 

Ik ken wel  ambtenaren in Amersoort die even op hun achterhoofd zullen krabben bij de wens wijkweters te introduceren. Want er zijn natuurlijk al (met name via de wijkaanpak) vergelijkbare functies gecreëerd. Het kan best zijn dat de burger van Amersfoort hiervan te weinig positiefs merkt maar dat wil niet zeggen dat je weer wat nieuws moet maken. Het verlangen om weer een coördinatensysteem te bedenken in de strijd tegen het veelkoppige monster van de overheid is zo sterk  dat er steeds opnieuw wat wordt uitgevonden zonder te kijken wat er al is.
Het mooie aan het TNO-rapport voor Almere is dat ze het niet hebben over nieuwe functies maar hebben geanalyseerd welke uiteenlopende mensen in de praktijk die rollen van wegbereider en navigator vervullen. Maar ik weet hoe het werkt, voor je het weet gaat Almere of een andere gemeente bedenken dat er nieuwe functies moeten komen onder deze of vergelijkbare namen.

Wat zijn nu de problemen waar die schakelfunctie een rol bij zouden kunnen vervullen? Ik zie er in de praktijk vier:

1- De voldongen feiten
Initiatiefrijke burgers kunnen er niet op vertrouwen dat mensen van de gemeente waar ze afspraken mee maken kunnen voorkomen dat andere delen van het apparaat toch anders gaan handelen en beslissen.  Het bekendste voorbeeld: initiatiefnemers zijn nog in gesprek met de gemeente over hun plan en vanuit een andere gemeentelijke dienst blijkt al lang iets in gang gezet dat dat frustreert en dat komt te laat uit de hoge hoed.

2- De bureaucratische reflexen
Lokale initiatiefnemers nemen zelf de regie in handen en bouwen stap voor stap aan breder draagvlak maar de gemeente houdt vast aan de eigen wijze van werken. Het bekendste voorbeeld: gemeentelijke diensten die zelf draagvlakenquêtes in een buurt gaan uitzetten terwijl burgers al lang zelf zo’n proces hebben georganiseerd.

3- Traagheid en tegenwerking
Ondernemende mensen willen kansen pakken als die zich voordoen maar de gemeentelijke molens werken traag door de vele overdrachtsmomenten en zorgvuldigheidseisen.  Het bekendste voorbeeld: iemand heeft om geld te kunnen lenen bij de bank snel duidelijkheid nodig of de gemeente bereid is regels flexibel toe te passen maar tegen de tijd dat het (vaak halfslachtige) antwoord daarop komt is het alweer te laat.

4- De vlucht vooruit in permanente verandering
Veel initiatiefnemers raken de weg in de bureaucratie kwijt, niet omdat deze zo star is maar omdat alles om de zoveel jaar weer wordt verandert. Het bekendste voorbeeld: initiatiefnemers in de stad hebben een vertrouwensband met een ambtenaar opgebouwd maar plots is ie weer verdwenen omdat zijn functie niet meer past in de zoveelste  nieuwe organisatiefilosofie.

Voor mij is de oplossing voor deze problemen simpel: zo kort mogelijke lijnen binnen de overheid en tussen overheid en samenleving (snel om de tafel i.p.v. doorgeefluiken, stadhuis op straat), meer beslissingsruimte met bijbehorende middelen in de samenleving leggen (‘we doen het zelf wel’) en  nieuwe werkwijzen en organisatievormen de tijd gunnen (opgebouwde relaties koesteren, rust in de tent). Nu is de hamvraag welke rol die schakelfuncties hierbij kunnen spelen en daar heb ik zo mijn twijfels bij. De makelaars, wijkweters en wegbereiders dragen het risico in zich dat ze juist de lijnen weer langer maken, de afstand tussen 2 werelden vastzetten (‘wij zijn de schakel’)  en onderdeel worden van de vlucht vooruit in steeds weer nieuwe coördinatiesystemen. Ik noem dat: met z’n allen in de coördinatiefuik zwemmen. Want iedere coördinatie- en schakelfunctie voedt gek genoeg het verlangen naar nog betere coördinatie.

De denkfout die in deze discussie wordt gemaakt is dat de gemeente wordt voorgesteld als stilstaande bureaucratie en de lokale initiatieven als dynamische fluide wereld. Ik zou bijna zeggen, was het maar waar. Want de overheid is zelf in de zoektocht naar nieuwe rollen en praktijken op zoveel plekken wat nieuws aan het optuigen dat ze ongrijpbaar en onbetrouwbaar wordt. Daar schreef ik eerder al dit blog over.

Gemeenten en lokale initiatiefnemers die in gesprek zijn over de introductie van schakelfuncties tussen beide werelden zou ik dan ook op het hart willen drukken: denk goed na of dit wel het antwoord is op de problemen en over het risico dat het een deel van het probleem wordt. Kijk vooral of je niet beter de lijnen kunt verkorten, macht kunt herschikken en kunt voortbouwen op alles wat inmiddels al is bedacht en opgebouwd.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*