14 januari 2013

Door Frans Soeterbroek

Reacties

0 reacties

Tags
, ,

Zeg het voort

lessen in bescheidenheid en leiderschap van Mandela

De voorbije weken heb ik eindelijk de vuistdikke autobiografie van Nelson Mandele uit 1994 gelezen. Voor het grootste deel geschreven op Robbeneiland en met gevaar voor vele levens naar buiten gesmokkeld. Het is een indrukwekkend verhaal over de prijs van een levenslange strijd tegen racisme en onderdrukking. Maar ook een eerlijk verslag van zijn eigen bokkensprongen, fouten, onhebbelijkheden en pijnlijke levenslessen. Dat was voor mij het meest verrassende aan het lezen van het boek. Blijkbaar heb ik, zoals zovelen,  Mandela al zo heilig verklaard dat ik verrast ben iemand in de biografie tegen te komen die niets menselijks vreemd is en wiens leven een aaneenschakeling is van pijnlijke keuzes. ik heb met enige beroepsdeformatie het boek gelezen als een bijzondere les in leiderschap, strategisch denken en onderhandelen. En daar valt voor ons gewone stervelingen ook wat van te leren.

Ik heb nooit zo goed beseft hoe voor iemand als Mandela iedere dag van verzet onoplosbare dilemma’s met zich meebracht: kiezen voor de strijd of voor het familieleven, samenwerken met de communisten of niet, strijden voor een zwart Afrika of voor een regenboognatie, geweldloos verzet of gewapende strijd, tactisch meeveren met het onderdrukkende systeem of iedere medewerking weigeren. Wie het beeld heeft opgebouwd dat Mandela onverstoorbaar en koersvast voor de goede zaak vocht zal door dit boek uit de droom worden geholpen. Je voelt steeds de pijn en de twijfel die hij heeft van het maken van al die keuzes en je ziet het ook regelmatig mis gaan.

Mandela wisselde in zijn levensvisie en strategie regelmatig van positie. Als goed opgeleide zoon van een chief  was hij  in zijn tienerjaren overtuigd van de opvoedende functie van de blanke elite en de kansen die dat systeem aan de zwarte elite bood. Om dan te radicaliseren tot vechter voor een zwart Afrika die niet eens met  progressieve blanken en Indiërs wil samenwerken. Vervolgens kiest hij tamelijk pragmatisch (de meerderheid in het ANC wil het) en later principieel voor samenwerking met radicale blanken, de communisten en de Indiers. En net als je denkt dat hij onder invloed van de zoon van Ghandi en de leiding van het ANC kiest voor een strategie van geweldloosheid is hij het juist  die binnen het ANC gedaan krijgt dat de wapens worden opgenomen. Hij wordt de leider  van de ondergrondse militaire tak van het ANC. Als hij eenmaal gevangen zit op Robbeneiland en door de ANC in ballingschap tot het gezicht van het verzet wordt gebombardeerd probeert het apartheidsregime hem te paaien en van het verzet los te weken. Lang weigert hij dat principieel om dan plots in zijn eentje de aanzet te geven voor onderhandelingen met het regime en het ANC voor een voldongen feit te plaatsen.
De jaren tussen zijn vrijlating in 1990 en de eerste vrije verkiezingen in 1994 zijn eigenlijk de gruwelijkste jaren met grote slachtpartijen onder ANC-leden begaan door de Inkathabeweging gesteund door leger en politie. Met een zeer dubieuze rol voor president de Klerk die op een ander front  over vrede onderhandelt. Mandela ziet dit dubbelspel, spreekt zich daar open en woedend over uit maar laat nooit de lijn van onderhandelen en verzoening los. Uiteindelijk ziet hij het zelfs als zijn missie om niet alleen de onderdrukten maar ook de onderdrukkers uit hun uitzichtloze positie te bevrijden.

Op het oog vormen al deze wendingen een vertrouwd patroon van menselijke groei: eerst de naive jongere, dan de onstuimige radicaal, vervolgens de pragmatische politicus en dan de milde en verlichte grijze leider. Maar er zitten ook een aantal interessante constanten in. Hij maakt radicale keuzes in zijn eentje en vertrouwt op zijn intuïtie, overtuigingskracht en verbindend vermogen om daar anderen in mee te krijgen. Hij slaagt er ook in een consequent radicale houding te koppelen aan een consequent verzoenende houding. En hij  is optimistisch en ongeduldig maar accepteert hoe lang alles duurt voor er doorbraken worden bereikt.

 Hij is vooral een bijzonder leider omdat hij zich met vallen en opstaan heeft ontwikkeld tot wie hij is en omdat hij tegengestelde kwaliteiten wist/weet te verenigen: eigenzinnig en overtuigend, radicaal en verzoenend, gedreven en geduldig. Bij elke tegenslag lijkt zijn vermogen om die tegengestelde kwaliteiten te verbinden te groeien. Die ongewone vorm van leiderschap hield al die jaren zijn eigen vertrouwen en dat van anderen brandend.
Eigenlijk word ik na het lezen van deze biografie nog nederiger ten opzichte van Mandela dan ik me al voelde. Juist omdat ik nu meer denk te begrijpen van zijn leven van vallen en opstaan in een uitzonderlijke situatie besef ik maar al te goed dat ik een zondagskind ben. Maar ik voel me wel gesterkt door het idee dat je de botsende krachten en kwaliteiten in jezelf moet koesteren om te blijven groeien. Dat is de belangrijkste les voor mij van het leven van Mandela.

 

 

 


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*