19 januari 2012

Door Frans Soeterbroek

Reacties

0 reacties

Tags
, , , , , ,

Zeg het voort

De zachte krachten in de slag om Nederland

Afgelopen maandag was in het programma ‘de slag om Nederland’ (dson) te zien hoe KPMG een nieuw kantoor aan de snelweg heeft betrokken en even verderop het oude kantoor met 50.000 m2 vloeroppervlakte  leeg staat. Als ik de reacties op twitter en in andere media zie heeft die uitzending een goed effect teweeggebracht. Ieder bedrijf dat nu een fraai nieuw (duurzaam!?) kantoor betrekt kan niet meer om de kritische vraag heen: en wat laat je dan achter? En ook het perverse mechanisme van geld verdienen aan blijven verkassen wordt even goed op de agenda gezet.
De woorden megalomaan, verspilling, ‘snel geld verdienen’ en ‘kop in het zand’ zullen nog vaak vallen in de komende afleveringen van dson. Maar hoe voorkomen we dat we blijven hangen in morele verontwaardiging en iedereen weer over gaat tot de orde van de dag?

Daarvoor is het mijns inziens nodig dat we een niveau dieper graven dan het oplossen van de leegstand aan kantoren. Onder de conjuncturele dip, kortzichtigheid en eurotekens in de ogen gaan drie culturele fenomenen schuil waar we ook iets mee zullen moeten doen.

Vervreemding en ontworteling
In de gladde wereld van A-locaties, vastgoedwaarde, flexwerkplekken en leasecontracten hebben huurders van gebouwen geen liefde voor de plek, geen band met de omgeving noch een vertrouwensrelatie met de verhuurder en de gemeente. Locatiekeuze is een abstracte afwegingen waarbij de rekenaars de toon zetten en niet de mensen die in staat zijn ergens te wortelen en zich te verbinden. Niet voor niets zijn het de grote advies- en accountancybureaus die deze dagen als voorbeelden van deze verspilling opduiken. Want zij belichamen samen met de financiële instellingen en bureaucratische instanties deze ontworteling en leegheid (‘footloose’) waarin de menselijke maat en menselijke verhoudingen zoek raken.

Extra wrang is dat in veel van deze bedrijven helemaal geen sprake is van een kille cultuur. Van KPMG weet ik toevallig dat ze hun medewerkers aanspreken op het leveren van een onbaatzuchtige bijdrage aan de samenleving. En er wordt goed nagedacht over hoe een gebouw functioneert als leefbare en inspirerende werkplek. Maar door zich af te sluiten van hun directe omgeving en zich met de vastgoedcultuur te laten meeslepen gedragen ze zich als een bewoners van een gated community: binnen de hekken en een stuk daarbuiten hun warme kant laten zien maar niet in staat zijn dat in de directe omgeving te doen.

Splitsing en projectie
De manier waarop KPMG de problemen met leegstand buiten de eigen verantwoordelijkheid definieert is heel gangbaar. We zijn allen zeer goed in staat om wat we onaangenaam en te complex vinden buiten onze aandacht en verantwoordelijkheid te definiëren. In de psychologie heet dat splitsing en projectie. In de wereld van strategisch vastgoedbeheer en gebiedsontwikkeling uit dit zich door gebieden, verantwoordelijkheden en ‘scopes’ zo af te bakenen dat je keuze er verantwoord en logisch uitziet : ‘dit is een kwaliteitsimpuls’, ‘we gaan duurzamer ondernemen’. Daarbij worden de keerzijdes van je handelen keurig buiten de eigen aandacht en verantwoordelijkheid geplaatst: ‘daar ga ik niet over’, ‘dat onttrekt zich aan mijn waarneming’. In de uitzending van dson deed de voorlichter dan KPMG dat nogal opzichtig en die kwam daar ook niet mee weg.

De tegenhanger van splitsing en project is holistisch denken. In de zakelijke taal van gebiedsontwikkelaars: kijk integraal, blijf dansen door te schalen en bouw arena’s  waar alle kosten en baten van bepaalde keuzes met elkaar worden geconfronteerd. De leegstand hoort juist aan tafel te zitten waar het feestje wordt gevierd van de kans op een nieuw kantoor. Dat vergt moed want je verstoort wel het feestje.

Haantjesgedrag en statussymbolen
Een nieuw, glimmend en liefst ook innovatief en duurzaam kantoor op een ‘zichtlocatie’ is een statussymbool. Het straalt in de wereld waar de ‘CEO’s’ van deze ondernemingen zich aan spiegelen succes en dynamiek uit. Veranderen, groeien en vernieuwen is de norm. Continuïteit en zorgvuldig beheer zijn suf. En bij kritiek kun je je er op beroepen dat jij in dit egalitaire land toch maar mooi boven het maaiveld durft uit te steken door een monument voor succes te creëren.
In deze zelfgenoegzaamheid worden mensen die kritische vragen stellen buiten de orde geplaatst onder verwijten als ‘oud denken’, het spel niet snappen’, ‘ondernemerschap missen’, ‘denken vanuit bedreigingen i.p.v. kansen’. Het wordt tijd dat we die kritische tegenkrachten koesteren en NOOIT meer accepteren dat mensen die intuïtief goed aanvoelen dat hier iets niet klopt zo weggezet worden.

Kortom: de slag om Nederland winnen we alleen als we weten door te dringen tot-, en tegenwicht bieden aan deze onderstromen. Dat zal niet eenvoudig zijn want ik vrees dat in de wereld van het vastgoed begrippen als liefde voor de plek, menselijke maat en holistisch denken als te soft buiten de orde worden geplaatst. Maar zoals Henriette Roland Holst ons al voorhield: ‘de zachte krachten zullen zeker winnen in ‘t eind’.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*