1 december 2011

Door Frans Soeterbroek

Reacties

2 reacties

Tags
, , , , , ,

Zeg het voort

De taaie strijd tegen de grote overhead

Vandaag stuitte ik op 2 verhalen over het monster van de groeiende overhead. Ze komen uit totaal verschillende werelden maar vullen  elkaar mooi aan. Jos van der Lans maakt zich in een column voor het Groen Links Magazine kwaad over de almaar uitdijende overhead in de publieke sector en speelt plagerig met het idee van de oprichting van een anti-overhead partij. In Harvard Business Review werkt Yves Morieux van adviesbureau BCG zijn concept ‘smart simplicity’ uit als wapen tegen de uitdijende overhead in het bedrijfsleven. Beide verhalen zijn me uit het hart gegrepen maar je moet ze wel over elkaar heen leggen om de kern van het vraagstuk te vatten.

Want het probleem van de  overheadexplosie die van der Lans in de publieke sector ziet is zichtbaar in de hele samenleving en tiert ook  in het bedrijfsleven welig. Adviesbureau BCG heeft een heuse complexiteitsindex gemaakt waarmee ze de groei van coördinatie-en afstemmingstaken in het bedrijfsleven kunnen meten. De afgelopen 50 jaar is de gecompliceerdheid in termen van coördinatie, afstemming, procedures en papierwerk bij grote ondernemingen toegenomen met 6,7 procent per jaar! Het antwoord van Morieux is simpel en effectief: zorg dat professionals zelf grensgeschillen oplossen en elkaar versterken en stop met het bouwen van allerlei hulpstructuren daarboven en daartussen.
Ik noem dat   ‘kortsluiten’. Een woord dat ik ben gaan gebruiken toen ik er achterkwam dat de alom beleden roep om ‘verbinding’, ‘regie’ en ‘integrale sturing’ vooral een legitimatie vormt voor het creëren van een woud aan management- en tussenfuncties. En daar zit ‘m de crux. In het verlangen om fragmentatie, verkokering en verstarring te doorbreken worden allerlei functies bedacht die heel daadkrachtig klinken (verbindingsofficier, gebiedsregisseur, integrator, transitiemanager, aanjager) maar dat allerminst zijn. Ze maken het probleem dat men wil bestrijden alleen maar groter.

Daarmee komen we op het verhaal van van der Lans. Die verdenkt zijn eigen partijgenoten ervan het overheadprobleem niet te willen oplossen omdat ze zelf te veel onderdeel van dat probleem zijn. Dat zou best wel eens kunnen kloppen maar de werkelijkheid is minder wrang dan van der Lans het stelt. De managers,  coördinatoren  en innovatoren zien in elke twijfel over hun toegevoegde waarde een bewijs van hun onmisbaarheid. Zie je wel dat mijn functie hard nodig is, want we hebben nog steeds last van verstarring en verkokering en van een gebrek aan klantgerichtheid en verantwoording. Het probleem is dus niet dat ‘oude structuren’ intact worden gelaten maar dat iedereen zich opwerpt als degene die dat komt doorbreken en niemand wil zien dat hij zelf onderdeel van het probleem is. Als we nog een niveau diep graven naar iets wat lijkt op de kern van het probleem komen we op hardnekkige maakbaarheids- en beheersingsfixaties:

1- de  overschatting van veranderen en vernieuwen ten opzichte van behoud waardoor er eeuwig en altijd ’transities moeten worden gemanaged’ en weerstanden daartegen moeten worden bestreden;
2- het verlangen om alles op te delen in hapklare fasen, lagen, deeltaken en mandaten zodat je eindeloos kunt blijven puzzelen met ketenvorming, planningen, proces-, project en programmamanagement ;
3- het verlangen naar orde en samenhang zodat je altijd wilt blijven sleutelen aan suboptimale structuren, verkokerde systemen en afgeschermde koninkrijkjes;
4- de behoefte aan het beheersen van chaotische processen en ongrijpbare mensen wat maakt dat je steeds slimmere strategieën moet bedenken om  je niet te laten verrassen;
5- de angst voor confrontatie en escalatie waardoor er ingewikkelde strategieën worden bedacht om weerstanden te neutraliseren, controverses te beslechten en disfunctioneren aan te pakken.

Zie hier de brandstof voor het fatale mechanisme waarmee verandermanagers, coördinatoren en adviseurs alles steeds complexer maken en zo hun eigen onmisbaarheid aantonen. En daarmee houden zij/wij het probleem van de overhead in stand.  De zachte benadering van Morieux (‘smart simplicity’) en de harde aanklacht van van der Lans ( ‘weg met de kaste die vooral met zijn eigen voortbestaan bezig is’) kunnen elkaar mooi aanvullen om daar een wig in de drijven. Daar werk ik graag aan mee.

 

 

 

 

 


Reacties

  • Rolf schreef:

    ‘Daar werk ik graag aan mee.’

    Het meest eenzame moment uit mijn leven was dat een groep tegen mij zei: “Rolf, wij staan allemaal achter je.”

    Zeer terecht wordt het maatschappelijk probleem ‘de communicatie-adviseur’ aan de kaak gesteld.
    U begint met te schrijven dat Jos van der Lans zich ‘kwaad maakt’. Waar baseert u dat op? Om welke reden schrijft u dit?

    • Frans Soeterbroek schreef:

      Dank voor je reactie.
      Ja, mijn indruk is inderdaad dat Jos van der Lans zich boos maakt op de te grote overheid in de publieke sector. Als je speelt met het idee van een anti-overhead partij lijkt me dat aan de orde te zijn.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*