Utrecht

Tags

ambtenaren burgerparticipatie collectieve intelligentie dansen door de schalen dialoog eigenaarschap gebiedsatelier gebiedsgericht werken gebiedsontwikkeling geluk knutselen koekoeksklokparticipatie leiderschap lichte sturing lichtheid lokale democratie lokale initiatieven maakbaarheid maatschappelijke gebiedsontwikkeling menselijke maat omgevingswet ontwerpers organische gebiedsontwikkeling organisch ontwikkelen participatie participatiesamenleving publiek domein regio Rotterdam samen stad maken schurende verhalen slow urbanism sociaal kapitaal stadmakers stadsontwikkeling systeemwereld tijdelijkheid Utrecht Utrechtse Ruimtemakers vastgoed verhalen waardecreatie wijkaanpak zelfsturing Zwolle
 

Wat maakt een plein tot een goed plein?

Afgelopen woensdag was ik bij een bijzondere uittreerede van een professor aan de TU Delft. Het ging om schrijver en multi-talent Abdelkader Benali. Hij mocht een jaar lang de eretitel ‘cultural professor’ dragen, in navolging van onder meer Spinvis, Youp van het Hek en fotograaf Vincent Mentzel. Hij had zich op het thema pleinen gestort en was met studenten van de TU aan het werk gegaan om nieuwe verhalen over pleinen te maken.
Ik was er nieuwsgierig heengegaan omdat ik in het kader van het stadsinitiatief van de Utrechtse Ruimtemakers in Overvecht help om verweesde openbare ruimte weer tot publieke domein te maken, onder andere op het plein voor sporthal de Dreef. Ik heb woensdag wel wat opgepikt dat daarvoor bruikbaar is en vast ook interessant is voor iedereen die aan een betere publieke ruimte werkt. Tijd voor een verslag waarbij ik de gelegenheid aangrijp om iets te vertellen over hoe we er aan werken om zo’n plein in Overvecht een betere functie voor de wijk te geven. (meer…)

18 december 2017
0 reacties
, , , , ,
 

de omgevingswet is geen feest voor lokale democratie

Begin volgend jaar kiezen we nieuwe gemeenteraden. In de campagnes zal het vaak gaan over maatschappelijke tweedeling, bewonersparticipatie en de kwaliteit van de lokale democratie. Heel weinig zal het gaan over de invoering van de omgevingswet in 2019 terwijl deze behoorlijke consequenties heeft voor deze thema’s. De reden is simpel: die invoering wordt vooral gepresenteerd als een complexe technische operatie waar eigenlijk weinig politiek vuurwerk aan vastzit. Het is vooral een goednieuwsshow want we gaan immers regels vereenvoudigen, de verkokering doorbreken, initiatieven meer ruimte geven en integraler sturen op de kwaliteit van de leefomgeving.

Dat er onder deze wet grote vragen schuilgaan over tweedeling, over het eigenaarschap van de stad en over de kwaliteit van democratie en rechtsstaat wordt niet echt zichtbaar.  Er zijn twee zaken waar de politiek zich wel eens wat drukker zou mogen maken. Allereerst dat in de huidige cultuur van stadsontwikkeling de omgevingswet de burger nog machtelozer zal maken ten opzichte van de een-tweetjes tussen lokaal bestuur en de vastgoed-, grond en bouwmarkt. Eerder schreef ik daar dit verhaal al over, met adviezen om daar lokaal in bij te sturen. Daarnaast zal de omgevingswet het nog lastiger voor gemeenteraden maken om daarop bij te sturen. Deze stelling verdient wel enige toelichting omdat je daar nauwelijks iets over hoort in het debat over invoering van die wet. (meer…)

16 september 2017
2 reacties
, , , , , , , ,
 

Is er iets mis met ‘ruimte bieden aan de initiatiefnemer’?

Deze week mocht ik bij het netwerk van directeuren stedelijke ontwikkeling iets vertellen over participatie en de omgevingswet. De trouwe lezer van mijn blogs weet dat ik het dan niet heb over wat de omgevingswet aan participatie vereist (niet veel). Maar wel hoe je de invoering van de omgevingswet gebruikt om het beleid beter te verankeren in de samenleving, hoe je de collectieve kracht en intelligentie van de stad kunt mobiliseren en hoe je een gelijker speelveld en nieuwe democratische verhoudingen rond omgevingsvraagstukken bouwt.
Dat nodigde uit tot mooie gesprekken over deze thema’s. En zoals ik zo vaak meemaak kwamen er nuchtere tegenwerpingen over een overheid die zich juist bescheidener en faciliterend op moet stellen. Het motto is ‘ruimte maken voor initiatiefnemers’ waartoe ook hoort dat deze zelf de communicatie met de omwonenden/belanghebbenden moet regelen en vaak ook de stedenbouwkundige uitwerking mag of moet leveren.
Op het eerste oog lijkt dit niet eens zo onredelijk. Het voorbeeld dat ik dezer dagen steeds te horen krijg: een eigenaar van een gebouw(-encomplex) dat zijn functie heeft verloren wil het verbouwen tot woningen. De gemeente werkt daar graag aan mee op grond van haar eigen herbestemmings- en woonbeleid en dan mag je anno 2017 van de initiatiefnemer verwachten dat deze zelf de stedenbouwkundige kaders opstelt en de communicatie met de buurt goed doet. En ik kom ontwikkelaars tegen die (vaak niet ten onrechte) stellen dat ze dit beter kunnen dan de gemeente en dit ook graag op zich nemen. Tel uit je winst zou je zeggen. Ik heb er om een aantal redenen toch moeite mee dat de overheid zich zo uit dit speelveld terugtrekt.

(meer…)

1 april 2017
0 reacties
, , , , , , , , , , , , , ,
 

Participatie tussen democratisering en professionalisering

Ik begeef me als pleitbezorger van ‘samen stad maken’ in twee werelden die op het oog alles met elkaar te maken hebben maar in de praktijk meestal langs elkaar heen leven.  Dat is de wereld van lokale democratie waar het gaat over de kwaliteit en legitimiteit van bestuur en besluitvorming (‘zeggenschap’, ‘representatie’, ‘democratisch proces’ ) en de wereld van participatie in het ruimtelijke domein waar het vooral gaat om de legitimiteit en kwaliteit van beleids- en planvorming (‘draagvlak’, ‘initiatieven faciliteren’, ‘input ophalen’).
In die eerste wereld is de actieve participatie en zeggenschap van burgers een doel, in de tweede is het betrekken van ‘de omgeving’ of ‘de stakeholders’’ (verzamelbegrippen voor bewoners, bedrijven en belangengroepen)  een middel. In de eerste wereld gaat het om de zeggenschap van burgers over hun eigen leefomgeving en over hun overheid, in de tweede wereld gaat het om de rolverdeling tussen overheid en samenleving en het draagvlak voor het overheidsbeleid bij degenen die het rechtstreeks raakt. Voor het gemak noem ik eerste manier van kijken de democratiebril en de tweede manier van kijken de draagvlakbril. (meer…)

4 maart 2017
0 reacties
, , , , , , , ,
 

De stad bouwen op maatschappelijk waarden, hoe doe je dat?

Najaar 2015 organiseerden de Utrechtse Ruimtemakers en de gemeenteraad van deze stad een bijeenkomst over maatschappelijke gebiedsontwikkeling. Daar is het idee geboren om bij gebiedsontwikkeling te gaan werken met een maatschappelijk programma van eisen (MPvE). Dat werd gezien als een hefboom om minder vanuit gebiedsexploitaties en fysieke ingrepen te werken en meer vanuit een rijk beeld van maatschappelijke waarden, kosten en baten. Juni 2016 heeft de gemeenteraad in een bijna raadsbreed gesteunde motie dat idee van zo’n MPvE vastgelegd.
Het enthousiasme om daarmee aan de gang te gaan binnen de gemeentelijke organisatie is begrijpelijkerwijze niet gelijk groot. Er wordt al gewerkt met het instrument  stedenbouwkundig programma van eisen (SPvE) waar uiteraard maatschappelijke doelen ook een plek hebben en de gemeente probeert daarin/daarnaast meer te gaan sturen vanuit het concept van gezonde verstedelijking (‘Healthy Urban Living’) . Er rust dan ook een hoge bewijslast op het idee van het MpvE: maak het maar eens concreet en laat zien wat dat aan de huidige praktijk nog kan toevoegen en of dat ook tot andere keuzes zou leiden.

Inmiddels is er op verschillende plekken daarover nagedacht. De Utrechtse Ruimtemakers deden een eerste vingeroefening ermee voor het Westplein in het stationsgebied en de gemeente organiseerde een gesprek over wat zo’n idee zou betekenen voor de zogeheten NPD-strook in Overvecht. Daar zijn hoopgevende conclusies uit te trekken die ook voor andere steden interessant zijn.

(meer…)

17 februari 2017
3 reacties
, , , , , , ,
 

Een gezonde stad maak je samen

Twee weken geleden nam ik deel aan een conferentie over omgevingsbeleid en gezondheid van de regio Zwolle. Daar werd een brug geslagen tussen de professionals die bezig zijn met  de omgevingswet en zij die vooral bezig zijn met gezondheidsvraagstukken. Nuttig en nodig. Ik organiseerde er een een werksessie over de relatie tussen maatschappelijke gebiedsontwikkeling en de gezonde stad. In die sessie werd onderzocht in hoeverre het idee van de gezonde stad een andere manier van stads- en gebiedsontwikkeling vergt waarbij maatschappelijke waarden meer dan nu centraal staan en de stadsbewoners zelf greep krijgen op hun omgeving. Ik bouwde daarbij voort op het populaire concept van positieve gezondheid van gezondheidswetenschapper Machteld Huber. Zij definieert gezondheid als het vermogen je aan te passen aan, en je eigen regie te voeren in het licht van de sociale, fysieke en emotionele uitdagingen van het leven. In deze actieve definitie van gezondheid gaat het onder meer om zelfbeschikking, sociale relaties, mentale gezondheid en zingeving. Een gezonde leefstijl wordt hier dus gekoppeld aan het vermogen van mensen om (samen) regie over hun eigen leven en hun omgeving te voeren. En dan kom je al snel uit op de vraag wat dit betekent voor een benadering als gezonde verstedelijking die, voor zover ik kan zien, nog sterk wordt benaderd als  plannings- en ontwerpvraagstuk. (meer…)

5 februari 2017
1 reacties
, , , , , , , ,
 

een gebiedsatelier, meer dan een nuttige plek

Vorige week behandelde de gemeenteraad van Utrecht de ruimtelijke strategie voor de stad. Een van de opmerkelijke moties die daar werden aangenomen was de opdracht om in de zogeheten prioritaire gebieden (zeg maar waar grote plannen met bouwen zijn)  gebiedsateliers in te richten. Dat lijkt misschien een klein procesding in de wereld van de grote opgaven, maar dat is het niet. In mijn ervaring krijg je wezenlijk andere gebiedsprocessen en andere keuzes als je in gebieden laagdrempelige gebiedsateliers inricht en die optimaal  gebruikt. De context waarin je mensen brengt is sterk bepalend voor wat ze bedenken, doen en hoe ze zich verbinden. Dus het maakt echt uit of je in gebieden en met de daar aanwezige mensen werkt of daarbuiten voor die gebieden en mensen plannen maakt.  Hoe doe je dat dan werken met zo’n gebiedsatelier? Een paar aanbevelingen voor mijn eigen stad en voor steden, dorpen en regio’s die zo’n aanpak ook overwegen. (meer…)

15 december 2016
0 reacties
, , ,
 

Samen stad maken bij grote projecten, kan dat?

Afgelopen zaterdag was er een openbare bijeenkomst over de toekomst van het stationsgebied in Utrecht georganiseerd door het aan dat project verbonden stadslab. Er werd me verteld dat deze dag was georganiseerd naar aanleiding van deze recente raadsmotie over ‘samen stad maken’. Dat deed me deugd want die motie vraagt om een grotere rol voor de samenleving en maatschappelijke doelen in de stadsontwikkeling. En juist bij dit project is dat bepaald niet vanzelfsprekend en valt er nog wel wat te winnen. Zeker omdat er inmiddels de ambitie ligt om dit gebied te ontwikkelen tot een soort van tweede centrum van de stad. Dat gaat ons allen aan dus. Kortom, op een zonnige zaterdag toch maar even in de Jaarbeurs gekropen.
Ik had me aangemeld om over de ontwikkelstrategie voor het gebied mee te praten en zag al snel dat dit project van ver moet komen wil het aan die motie beantwoorden.  Laat ik eens proberen wat ik die dag meemaakte te vertalen in voorstellen die deze afstand wat kleiner kunnen maken. (meer…)

27 september 2016
6 reacties
, , , , , , , , , ,
 

een ecosysteem voor sociaal ondernemerschap

De gemeente Utrecht kwam vorige week met het bericht naar buiten dat ze een groot pand op een van de beste plekken in de stad (het zogeheten “Staffhorstpand’) ter beschikking stelt aan een aantal commerciële bedrijven om er een landelijke hotspot voor sociaal ondernemen te vestigen, de BV ‘social impact factory’. De gemeente gaat het gebouw opknappen en geeft ook nog eens 350.000 euro mee als ‘eenmalige opstartsubsidie’. Vorig jaar had de gemeente al een eenmalige opstartsubsidie verstrekt aan de stichting social impact factory dat in dit nieuwe initiatief opgaat.

Die subsidiebereidheid heeft te maken met het feit dat het gemeentebestuur Utrecht wil profileren als DE stad op het gebied van sociaal ondernemen en (ik citeer de commissiebrief hierover) “door het netwerk en ecosysteem van sociaal ondernemers te versterken en te vergroten worden er meer banen, bedrijvigheid, projecten, stages, leerwerkplekken en dagbestedings- plekken gerealiseerd, in het bijzonder voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Ook verwacht de gemeente dat er met de sociaal ondernemers meer kennis wordt ontwikkeld en uitgewisseld over sociaal ondernemerschap, schaalbaarheid en vergroten van maatschappelijke impact.”

Het leidde op sociale media tot enthousiasme voor dit initiatief maar ook tot  verontwaardigde reacties over zoveel publiek geld steken in iets dat schijnbaar niet in gewone mensentaal uit te leggen valt. En vooral tot kritiek op de voorkeursbehandeling van commerciële bedrijven ten opzichte van sociale ondernemers die zonder deze subsidies op veel minder aantrekkelijke plekken in de stad iets vergelijkbaars doen. Denk aan initiatieven als Vechtclub XL, het Hof van Cartesius, de Metaalkathedraal, de Alchemist, de Pionier en talloze initiatieven in buurten. Het risico is ook nog eens dat dit gesubsidieerde initiatief gaat parasiteren op deze initiatieven omdat ze sociaal ondernemers naar dit bijzondere pand gaan halen.

Ik ben er ook kritisch op omdat ik naast de terechte vragen over voorkeursbehandeling en het parasiteren op andere initiatieven er niet geloof dat dit de goede manier is om aan ‘een ecosysteem voor sociaal ondernemerschap‘ te bouwen. Tijd om ons eens te verdiepen in de basisvragen: wat is sociaal ondernemerschap, wat is een ecosysteem en hoe ontwikkel je dat?

(meer…)

9 juni 2016
23 reacties
, , , , , , , ,
 

een tochtige betonplaat als huiskamer van de stad

Stel, je woont in een van de meest progressieve steden van Nederland, zowel qua cultuur als politieke verhoudingen. Je weet uit analyses van de economische- en bankencrisis en het klimaatdebat dat het wezenlijk anders moet in de stedenbouw. Niet meer bouwen voor vastgoedbubbles, minder afhankelijk worden van banken, beleggers en ontwikkelaars, radicaal kiezen voor een circulaire economie en een groene klimaatadaptieve stad. Voor een rechtvaardige stad met minder afstand tussen mensen met veel en weinig kansen. En voor zeggenschap van mensen over hun eigen stad en leefomgeving.

Dat treft, want in diezelfde stad hanteert het gemeentebestuur als filosofie om de stad samen met de bevolking te maken en wordt er ook op veel plekken gepoogd om bewoners, lokale initiatiefnemers en zelfbouwers wat meer de wind in de rug te geven. Wat daarbij helpt is dat het de stad met het hoogste opleidingsniveau van het land is met heel veel kleine ondernemers. De stad heeft ook de luxe om scherpe keuzes te maken want ze is zeer gewild om in te wonen, werken, verblijven en investeren.
In diezelfde stad heeft de gemeentelijke Rekenkamer recent de grote financiële problemen met het muziekcentrum laten onderzoeken waar klip en klaar uit naar voren komt dat vastgoed ontwikkelen behoorlijk los kan groeien van de wereld waar het eigenlijk voor bedoeld is en die wereld opzadelt met onbetaalbare exploitatielasten.

Wanneer het gemeentebestuur van die stad, Utrecht, maart 2016 met een ruimtelijke strategie naar buiten komt dan zou je op grond van het voorgaande ongeveer de volgende tekst kunnen verwachten:

(meer…)

30 maart 2016
1 reacties
, , , , , , , ,