14 oktober 2017

Door Frans Soeterbroek

Reacties

0 reacties

Zeg het voort

Vrienden maken

Vorige week was ik op bezoek in Kampen bij wethouder Gerrit Jan Veldhoen. Hij zat op zijn praatstoel en vertelde mooie verhalen over de geschiedenis van de stad aan de IJssel. Daarbij kwam ook een anekdote langs over een bezoek van een adviseur van president Obama. Deze wilde wel eens wat zien van ons vernuft in de strijd tegen het water. Maar wat de wethouder ook liet zien aan bijzonders (de nieuwe bypass bij Kampen, een opblaasbare waterkering, een waterkering bij mensen in huis), de man leek niet erg onder de indruk. Pas toen de wethouder vertelde dat er 150 vrijwilligers het waterkeringssysteem in werking zetten bij hoog water werd een snaar geraakt. De man was tot tranen toe geroerd dat als het er op aankomt mensen geheel belangeloos hun medeburgers tegen het water komen beschermen. Gerrit Jan moest hem beloven op te bellen als het zover was want dat zou hij direct het vliegtuig nemen om dit wonder met eigen ogen te aanschouwen en zelf mee te helpen. 

Dat deed me denken aan een vergelijkbaar verhaal 2 jaar geleden. Ik was in Rotterdam bij een lezing van Alexandros Washburn voormalig hoofd stedenbouw in New York en nu belast met de strijd tegen het water en klimaatadaptatie. Hij zou ons iets vertellen over de weerbaarheid van de stad (‘resilience’) tegen de risico’s van klimaatverandering.  Zijn betoog werd heel persoonlijk toen hij vertelde dat zijn eigen huis ook was getroffen door orkaan Sandy. En toen hij zich vertwijfeld afvroeg waar te beginnen om de ellende op te ruimen kwamen er allemaal voor hem wildvreemde mensen spontaan helpen. Hij vertelde geëmotioneerd en met trillende stem dat deze onbaatzuchtigheid het belangrijkste was dat hij in zijn hele leven had meegemaakt. En waar iedereen verwachtte dat hij, toen hij zich weer had herpakt, verder zou gaan over waterkeringen en klimaat nam zijn verhaal een verrassende wending. Op het scherm verscheen de formule ‘resilience = sociale cohesion’ oftewel: ook bij grote opgaven als klimaatverandering  gaat het uiteindelijk toch om de sociale veerkracht van de samenleving. Hij schakelde over op een betoog over het behandelen van vluchtelingen en vroeg zich af of we bereid zijn hen in te wijden als nieuwe burgers van onze steden. Deze uitsmijter gaf hij ons nog mee:

“Het doel van een stad is het maken van nieuwe burgers. Architecten mogen dan steden bouwen, maar steden bouwen burgers”

 Het gaat om sociaal kapitaal!!!
Washborn tilt hier het sentimentele verhaal over onbaatzuchtige burgers op tot een groot verhaal over de werkelijke kracht van stad en land: sociale samenhang en burgerschap. Dat is des te opmerkelijker omdat ik in de wereld van onze ‘grote opgaven’ die taal eigenlijk zelden hoor. Sociaal kapitaal dat is toch een andere afdeling binnen de overheid (kijk maar even bij de wijkaanpak, maatschappelijke zaken of de participatie-afdeling), wij spreken de taal van grote transities, complexe systemen, regionale opgaven en bestuurlijke lef.
Tekenend is dat in de wereld van waterveiligheid vaak wordt verzucht dat we af en toe een bijna-ramp nodig hebben om mensen weer bewust te maken van de risico’s. Maar daarmee wordt niet beoogd dat mensen samen verantwoordelijkheid nemen voor elkaar en voor hun omgeving maar vooral dat ze accepteren dat er miljarden worden vrijgemaakt voor grote programma’s. Het zou echter wel eens zo kunnen zijn dat die insteek op sociaal kapitaal en hoe mensen zich verbinden tot die opgaven het bruggetje is tussen de systeemwereld van grote opgaven en de leefwereld. Het Planbureau voor de Leefomgeving kwam in een recente publicatie over de omgevingswet tot een vergelijkbare constatering:

“…Omgevingsbeleid gaat in toenemende mate over transities en systemen, en loopt het risico terecht te komen in een technocratisch universum dat alleen nog wordt begrepen door beleidsmakers en experts. Maar juist de relatie tussen omgevingsbeleid en de dagelijkse leefomgeving is essentieel…… Het wordt voor het omgevingsbeleid van belang de koppeling met de civil society opnieuw te doordenken, zeker gezien de herleving van thema’s als ‘identiteit’ en ‘gemeenschap’. Voor de weging van de relatie tussen de overheid en de markt en die van de overheid en de civil society is het politiek debat de juiste plek.”

In andere woorden: geen grote transities op het terrein van klimaat zonder transities in het systeem van burgerschap en sociale veerkracht.

Vrienden maken en vriendschap op de proef stellen
Ik was in Kampen in het kader van een tour die ik met politici en ambtenaren uit Culemborg maakte langs inspirerende voorbeelden van organische gebiedsontwikkeling. In Kampen waren we in verband met het gebiedsproces rond het oude station en vervolgens in Zwolle ook in het spoorzonegebied. Bij beide gebiedsprocessen is het gelukt om bewoners en ondernemers onder de noemer ‘vrienden van…’ te verenigen aan gebiedsprocessen die meestal te ver van de samenleving afstaan. De vrienden blijken goed te kunnen schakelen tussen verschillende rollen: ambassadeur van het gebied, inhoudelijk betrokkene en uitdager van de systeemwereld. Het ging er over hoe fijn het is om bij gebiedsprocessen dit type vrienden te maken, en vooral hoe je je vrienden houdt op het moment dat het echt spannend wordt en gaat schuren. Want inderdaad, gedoe komt er altijd en dan heb je die vrienden hard nodig en moet je ze ook hun rol gunnen.

In de middag waren we in Almere bij het bijzondere project Oosterwold waar 15.000 huizen en alle bijbehorende voorzieningen (wegen, energie, school, buurthuis enz) via zelfbouw en bottom-up gemeenschapsvorming worden gerealiseerd. Daar ging het er over hoe je mensen die ‘tot elkaar veroordeeld zijn’ tot een gemeenschap smeedt (het antwoord: dat doen ze vooral zelf) en hoe je als overheid vertrouwen houdt als je mensen zo ver op zichzelf en elkaar terugwerpt. Het botst en knettert af en toe behoorlijk maar er gebeurt wel iets heel bijzonders. Eigenlijk gaat dit ook over hoe je vrienden wordt en vrienden blijft als het ingewikkeld wordt. In Culemborg gaat dat na deze excursie vast een groter issue worden: vrienden maken bij de stads- en gebiedsontwikkeling.

We lossen het samen wel op
Vrienden maken en het vertrouwen dat mensen samen ingewikkelde zaken weten op te lossen is eigenlijk een heel praktische invulling van begrippen als burgerschap en sociale veerkracht. Het klinkt in ieder geval fijner, lichter en gelijkwaardiger dat de toch wat paternalistische wereld van participatie, draagvlak en verwachtingsmanagement. Zeker nu iedereen het ineens heeft over ‘opgavegericht werken’ is dit belangrijk, omdat dat paternalisme weer op loer ligt: wij werken voor u aan grote opgaven en hebben weinig geduld met mensen die daar niet in meegaan.
Misschien moeten we er eens een tijdje gewoon mee gaan oefenen. Bij al die grote opgaven vragen ‘heb je al vrienden gemaakt?’ en ‘ heb je al geregeld dat mensen het samen kunnen oplossen’ in plaats van ‘ hoe staat het met het draagvlak?’ Dan bouwen we op een vrij lichte manier aan sociaal kapitaal, waarbij het de kunst is de vriendenkring steeds verder uit te breiden. Zo kweek je ook wederkerigheid en onbaatzuchtigheid. Want daar gaat het uiteindelijk om zoals de Amerikaanse gasten in Kampen en Rotterdam goed zagen.

 


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*