9 maart 2016

Door Frans Soeterbroek

Reacties

6 reacties

Tags
, , ,

Zeg het voort

Organische stads- en gebiedsontwikkeling crisishype? Mooi niet!

Vorige week mocht ik optreden voor het kennisnetwerk van de opleiding Master of City Development (MCD).  Het is een opleiding waarin stads- en gebiedsontwikkeling nog vooral wordt behandeld als een een-tweetje tussen overheid en grotere marktpartijen en waar de bouwprogrammering van de stad centraal staat.  Het voelde een beetje als het hol van de leeuw want ik kwam als mede-auteur en -redacteur van dit boek vertellen over de kracht van het nieuwe stadmaken.  Ik vertelde dat al die kleine (en steeds meer grote) burgerinitiatieven in steden en dorpen staan voor een brede onderstroom in de samenleving waarbij mensen meer greep wil krijgen op de eigen omgeving en ook ruimte zoeken om de dingen op hun eigen manier te doen. Ik heb benadrukt dat dit van de overheid vergt dat ze uit de een-tweetjes met de markt stapt en meer samen met de bewoners de stad gaan maken. De benadering van organische stads- en gebiedsontwikkeling is dan het interessante vehikel om de brug tussen lokaal initiatief en de grote wereld van stadsontwikkeling te slaan. Mijn verhaal raakte wel iets bij de toehoorders maar aan het eind vroeg wel iemand ter geruststelling van zijn eigen gemoed of deze benadering niet keurig aanvullend is op de klassieke manier van ontwikkelen. Mijn eerlijke antwoord: ik hoop het niet. Want die klassieke manier doet de steden geen goed. Bouwproductie en grondexploitatie staan centraal en niet het geluk van de stadsbewoner, het levert ons over aan partijen die de stad met geleend geld maken (schuldeneconomie) en er is te weinig respect voor de kracht van geleidelijke organische verandering van de stad.

Ik heb niet de illusie dat dit veel zal veranderen aan het publiek–private ontwikkelparadigma waar deze opleiding op is gebouwd. Dat vooroordeel werd gisteren nog eens bevestigd toen ik dit verhaal van een van de leden van de raad van advies van de opleiding, Frank ten Have van Deloitte, op sociale media zag verschijnen waarin organische gebiedsontwikkeling wordt afgeserveerd als achterhaalde crisishype. Dat is de man zijn goed recht, maar wat ik wel bedenkelijk vind is dat hij zijn verhaal helemaal ophangt aan een prijswinnende scriptie van de opleiding die niet eens over organisch ontwikkelen gaat. In die scriptie wordt alleen een sneer uitgedeeld aan bestuurders die organisch ontwikkelen verwarren met visieloos en regelloos wachten op de markt (ben ik het helemaal mee eens!)  en worden kanttekeningen geplaatst bij het verhaal als zou de grachtengordel van Amsterdam een schoolvoorbeeld zijn van organisch ontwikkelen. Verder komt het begrip organisch ontwikkelen niet voor in de scriptie, die feitelijk gaat over de herwaardering van stedelijk ontwerp.  Beetje flauw van ten Have om de opleiding zo te gebruiken om zijn eigen stokpaardje te berijden.

Hij maakt het helemaal bont door twee problemen die samenhangen met de klassieke manier van ontwikkelen te gebruiken als argument tegen  de organische benadering. Allereerst de rechtsonzekerheid die voor marktpartijen ontstaat door overambitieuze plannen waarin alles met alles samenhangt. Als voorbeeld noemt hij het oorspronkelijke masterplan voor de Binckhorst waar alles moest wachten op het (niet gelukte) uitplaatsen van bedrijven. Ten tweede de problemen die ontstaan door overoptimistische waardering van grondposities van gemeenten die ze met heel veel pijn moeten gaan afboeken. Zijn argument: als je organisch ontwikkelt ken je de terugverdienpotentie van je investeringen in grond niet. Een gotspe als je weet hoe de gemeenten juist door de klassieke manier van jezelf rijk rekenen met vermeende terugverdienpotenties voor miljarden de boot in zijn gegaan.

Feitelijk geeft deze man van Deloitte Real Estate hiermee zelf het failliet van het oude systeem aan en bewijst hij geheel contrair aan zijn inzet de noodzaak verder te gaan op het pad van organisch ontwikkelen.

Genoeg woorden hieraan besteed, ik ga maar eens verder met mijn verhaal over organisch ontwikkelen dat ik aan het schrijven ben op basis van mijn eigen ervaringen de afgelopen jaren. Een benadering die zeer veel voordelen biedt ten opzichte van het klassieke programmeren van de stad als een-tweetje tussen overheid en markt. Zoals:

  • visies zijn gebaseerd op grote maatschappelijke vragen en de betekenis van plekken voor mensen (’identiteitsankers’) en niet op ‘gebiedspotenties’;
  • er wordt niet gebouwd voor de vraag van gisteren;
  • de factor tijd is een vriend doordat je soepel op veranderingen in de wereld in kunt spelen;
  • er wordt respectvol en ontspannen omgesprongen met het DNA van de stad, autonome processen en alledaagse leefkwaliteit;
  • de werelden van ontwikkelen, exploitatie en beheer grijpen in elkaar en eigenaarschap voor de eigen omgeving staat centraal;
  • de brug kan worden gebouwd tussen het ambities met lokaal initiatief, participatie en stadsontwikkeling;
  • de stad wordt veel minder dan nu gebouwd op een schuldeneconomie en meer op geleidelijke waardecreatie;
  • er worden geen miljoenen verspild aan onderzoeks- en plankosten, aan tegenvallers en aan bouwfraudes.

Hoezo achterhaalde crisishype?


Reacties

  • Paul de Bruijn schrijft op 17 maart 2016

    Het is onbegrijpelijk (naïef) dat delen van corporale Nederland denkt dat de crisis voorbij is. The worst is yet to come. Dat zeg ik niet uit leedvermaak, omdat ik ook zelf daar de harde gevolgen van zal ondervinden.
    De exploderende schuldencurve (Deloitte, doe eens wat research), de omslag naar deflatie, de negatieve rente, het falen van de Quatitative Ease van de ECB, het wegsmelten van de pensioenen, het verdwijnen van de middenklasse in de westerse wereld (en de dragers van onze democratie en belastinginkomsten) zijn een paar ‘minor’ puntjes die verraden dat we nog tot onze nek in de problemen zitten. Dan heb ik het nog niet over de sociale uitdagingen waar Europa voor staat, die een lange periode van forse politieke en maatschappelijke instabiliteit gaan inluiden.

    Het gejuich over het weer stijgen van de huizenprijzen (overigens zeer selectief) en dus het aantal hypotheken (lees schuldencontracten)(lees ook burgerinitiatief ONS GELD, over geldschepping), getuigt van gebrek van enige realiteitszin of het willens en wetens, door negeren van de feiten, gaan voor het eigen gewin op de korte termijn.

    Onze hele economie is een grote plofkip. Gedreven door schulden, door mensen die 30 jaar een arbeidscontract (lees hypotheekacte) hebben met de bank om schuld plus rente (op geld dat niet geleend maar gecreëerd is) te kunnen opbrengen.

    Wie de tekenen van de huidige complexe en instabiele tijd niet wil zien, komt altijd te laat in de geschiedenis.

    • Frans Soeterbroek schrijft op 24 maart 2016

      dank Paul voor het plaatsen van mijn verhaal in dit bredere perspectief van de crisis die we doormaken en waar we zeker nog lang niet uitzijn. Van de plofkip gaan we helaas nog veel last krijgen en ik hoop daarom dat onze besturen veel meer gaan inzetten op een meer duurzame ontwikkeling van de stad.

  • Bob Braak schrijft op 17 maart 2016

    Zie mijn reactie op dit blog en de column van Frank ten Have op gebiedsontwikkeling.nu: https://www.gebiedsontwikkeling.nu/artikelen/geen-organische-maar-ergonomische-gebiedsontwikkeling/

    • Frans Soeterbroek schrijft op 24 maart 2016

      Beste Bob,
      dank voor je reactie. ik heb je verhaal gelezen en kan me er qua toonzetting behoorlijk goed in vinden. je zult begrijpen dat ik vraagtekens heb bij je poging organisch te vervangen door het concept ergonomisch. Organisch vind ik nog steeds mooi begrip omdat het gaat over de essentie van hoe steden zich spontaan ontwikkelen en groeien en waar je als overheid veel beter op aan moet sluiten. Bij ergonomisch krijg ik toch meer een beeld van een ontwerpopgave en die past daar dus niet altijd bij.

  • Helma Born schrijft op 20 maart 2016

    Wat jammer dat u zonder kennis van onze opleiding, en op basis van een relatief korte ontmoeting, over ons oordeelt. Juist dit soort vooroordelen staan constructieve discussies en samenwerkingsrelaties in de weg. En die zijn juist in het nieuwe stad maken zo broodnodig.
    Wij nodigen iedereen uit zelf te oordelen door een kijkje te nemen in onze modules, die wij met een team van topdocenten uit verschillende academische disciplines hebben ontwikkeld en doceren: http://www.mastercitydeveloper.nl

    Helma Born, programmadirecteur Master City Developer

    • Frans Soeterbroek schrijft op 24 maart 2016

      Beste Helma,
      Het is natuurlijk niet zo dat ik helemaal niets van de opleiding weet, ik loop al wat langer rond in deze wereld om me er een beeld van te kunnen vormen. Je kan me hooguit verwijten dat ik een te eenzijdig en onvolledig beeld van de opleiding schets en onvoldoende recht doe aan de breedte ervan. Ik zal een volgende keer wat meer nuances in het oordeel te brengen, ik was een beetje getergd door het verhaal van Frank en heb onderschat dat juist deze kort door de bocht-formulering bij een aantal mensen in het verkeerde keelgat kon schieten. Wat ik overigens nog steeds vind is dat deze opleiding model staat voor een manier van stadsontwikkeling die wortelt in de intensieve samenwerking tussen overheid en marktpartijen en in het beeld van de stad als bouwopgave. Ik vind het jammer dat de overheid daarbij nog steeds te weinig oog heeft voor een ruimere benadering van het publiek belang en ‘samen stad maken’ noch voor de fundamentele fouten in het huidige systeem. De reacties op mijn blog hebben me gesterkt in het idee dat er geen opleiding is waarin ruimtelijke programmering en organisch ontwikkelen in dat perspectief worden geplaatst. ik ga daar zelf maar eens werk van maken. Daar komen we elkaar vast nog wel in tegen.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*